Skip to main content

NOS schaatsnieuws

NOS Schaatsen
  1. Schaatsster Jutta Leerdam heeft een nieuwe trainer: sinds kort werkt ze weer samen met coach Kosta Poltavets. De tweevoudig wereldkampioene op de 1.000 meter vertrok na afgelopen seizoen bij Team Jumbo. Toen zei ze dat ze toe was aan iets nieuws in haar carrière.

    Poltavets ondersteunde Leerdam ook al in de periode van Team Worldstream, de ploeg die Leerdam samen met haar ex-vriend en oud-schaatser Koen Verweij opzette.

    Team Novus

    Leerdam maakte verder bekend dat ze regelmatig zal aansluiten bij Team Novus, een internationale ploeg onder leiding van Daniel Greig en Michel Mulder.

    Leerdam geeft op Instagram aan dat ze het best spannend vindt om opnieuw te beginnen. "Een andere weg kiezen is een uitdaging en verandering kan soms eng zijn. Onthoud dat het soms nodig is om op een beter niveau te komen dan ooit tevoren", zegt de 25-jarige sprinter.

  2. Een delegatie van het Frans olympisch comité heeft met de directie van Thialf gesproken over de vraag of het schaatsstadion in Heerenveen tijdens de Winterspelen van 2030 kan dienen als locatie voor het schaatstoernooi. De Franse Alpen zijn de enige overgebleven kandidaat om over zes jaar de Winterspelen te organiseren.

    Het gesprek vond recentelijk plaats tijdens een bezoek van de Fransen aan Thialf. Daarbij waren ook vertegenwoordigers van schaatsbond KNSB, de gemeente Heerenveen en de provincie Friesland aanwezig.

    Geen conclusies

    Nationale sportkoepel NOC*NSF laat desgevraagd weten dat er vooralsnog geen verdere conclusies aan de ontmoeting kunnen worden getrokken. "Er zijn geen concrete vervolgstappen besproken of verdere afspraken gemaakt. Het is te vroeg om conclusies te verbinden aan de interesse van de Fransen. Een keuze van Franse zijde voor Thialf is op de korte termijn niet te verwachten."

    Volgens de Franse sportkrant L'Equipe heeft de voorzitter van het Frans olympisch comité, David Lappartient, niet alleen met Heerenveen gesproken. Ook Milaan, het decor van de Winterspelen van 2026, zou benaderd zijn om mogelijk als gastheer te fungeren van de olympische langebaanwedstrijden. NOC*NSF meldt dat de Fransen ook denken aan het renoveren van een bestaande accommodatie in eigen land.

    Het is niet de eerste keer dat de Friese schaatstempel in verband wordt gebracht met de Winterspelen van 2030. Eerder was de Zwitserse stad Sion in de race voor de organisatie van die editie. Ook de Zwitsers informeerden bij de directie van Thialf of het schaatsen op de 400-meterbaan van Heerenveen kon plaatsvinden.

    Enige kandidaat

    Het Internationaal Olympisch Comité besloot dat de Franse Alpen de enige kandidaat zijn voor de organisatie van de Olympische Spelen van 2030. De officiële toewijzing wordt medio 2025 verwacht.

    Frankrijk, deze zomer met Parijs gastheer van de Zomerspelen, heeft drie keer eerder de Winterspelen georganiseerd: in Chamonix-Mont-Blanc (1924), Grenoble (1968) en Albertville (1992).

    In 2034 keren de Winterspelen na 32 jaar terug naar het Amerikaanse Salt Lake City.

  3. Jutta Leerdam sluit zich niet aan bij een bestaande schaatsploeg en gaat alleen verder. Dat meldt de schaatsster op sociale media.

    Vorige week kwamen berichten naar buiten dat de 25-jarige Leerdam zou gaan tekenen bij Team IKO. Zo'n overeenkomst was inderdaad dichtbij, zegt Leerdam, maar de zesvoudig wereldkampioen kiest voor "een individuele route".

    "Ik heb de afgelopen twee maanden veel getwijfeld, afgewogen en geprobeerd in bepaalde structuren te passen. Deze week stond ik op het punt te kiezen, het was 50/50. Elke mogelijke route binnen de schaatswereld vergeleek ik met een individuele route", postte Leerdam.

    "De media brachten al dat ik bij team IKO zou aansluiten; daar waren we ook dichtbij. Die hebben meegedacht om mij in hun structuur te laten passen."

    Toch heeft een zelf uitgestippelde route naar de Olympische Spelen in 2026 in Milaan haar voorkeur. "Een individuele route is niet altijd leuk. Het is vaak stressvol, het is soms eenzaam, maar als ik win, is het het waard."

    Eigen ploeg

    Leerdam kent het bestaan in een zelf opgezette schaatsploeg. Van 2020 tot het voorjaar van 2022 vormde zij samen met Koen Verweij schaatsploeg Worldstream-Corendon. Leerdam verliet die ploeg in 2022 voor Jumbo-Visma. Half april van 2024 kondigde ze haar vertrek aan bij de Jumbo-ploeg.

    Op 6 maart 2024, een dag voor de WK sprint, werd Leerdam gevraagd naar haar toekomst. Toen was nog niet zeker dat ze zou vertrekken bij Jumbo-Visma:

    Kiezen voor een eigen weg, een seizoen voordat de Olympische Spelen beginnen, is niet zonder risico. Vertrouwde structuren van het topsportbestaan bij een schaatsploeg zijn niet vanzelfsprekend meer. Maar, zegt Leerdam: "High risk, high reward. Uiteindelijk is deze sporttechnische route voor mij het beste dit pre-olympische seizoen."

    'Wij faciliteren ijs en krachtruimtes'

    Leerdam kan rekenen op de steun van de KNSB, zei Remy de Wit, technisch directeur bij de KNSB, vorige maand. Leerdam is de komende tijd welkom in Thialf om te trainen tijdens topsporturen. De KNSB wil haar namelijk graag helpen in aanloop naar de Spelen van 2026.

    "Schaatsers die geen ploeg hebben en in de hoogste categorie zitten, faciliteren wij met het ijs en de krachtruimtes. Leerdam hoort in die categorie thuis met een A-status en de medailles die ze heeft gehaald", vertelde De Wit.

  4. Dai Dai N'tab vervolgt zijn schaatscarrière bij Team IKO. De 29-jarige sprinter tekent een contract tot en met de Olympische Winterspelen van Milaan in 2026.

    N'tab, die het afgelopen seizoen kampte met rugklachten en zich niet voor de wereldbekerwedstrijden plaatste, komt over van schaatsploeg Jumbo-Visma, waar zijn aflopende contract niet werd verlengd.

    "Ik heb ontzettend veel zin om aan de slag te gaan", zei N'tab op de website van Team IKO. "De gesprekken met de staf hebben mijn vertrouwen vergroot dat ik nog veel beter kan dan wat ik tot nu toe heb laten zien en het team voelt vanaf het eerste moment als een warm bad."

    N'tab werd onder meer vier keer Nederlands kampioen op de 500 meter. Hij veroverde in 2021 brons op de 500 meter bij de WK afstanden. N'tab wist zich niet te kwalificeren voor de Olympische Spelen van 2018 en 2022.

    Veel vertrekkende en nieuwe namen bij Jumbo-Visma

    Jumbo-Visma zag de afgelopen maanden veel grote namen vertrekken: onder anderen Jutta Leerdam, Antoinette Rijpma-de Jong, Jorrit Bergsma en Kai Verbij.

    Vervolgens verraste de schaatsploeg met het aantrekken van shorttrackers Suzanne Schulting, Selma Poutsma en Angel Daleman.

    Voor Sven Kramer, commercieel directeur van Jumbo, is het toevoegen van drie shorttrackers aan de schaatsploeg een logische stap in de ontwikkeling van beide sporten. "Langebaanschaatsen en shorttrack komen steeds meer naar elkaar toe", zei Kramer daarover.

  5. Na haar eerste wereldtitel in 1962 in Praag vond vader Dijkstra het welletjes. Het werd tijd dat Sjoukje haar kwaliteiten als kunstrijdster te gelde ging maken in de ijsrevue. Maar nee, dochterlief besloot anders. Ze had al olympisch zilver op zak en wellicht zat er nog meer in. "Hij vond de wereldtitel genoeg, maar ik niet", zei de donderdag overleden Dijkstra daarover.

    Een logische gedachte. Vijfvoudig wereldkampioene Carol Heiss had de 18-jarige Dijkstra van de gouden medaille gehouden in Squaw Valley, maar de Amerikaanse was na dat succes gestopt. Alleen daardoor al lag de weg naar olympische roem open.

    Dijkstra stelde zichzelf en ook de natie, die in die jaren bepaald niet verwend werd door Nederlandse sportsuccessen op mondiaal niveau en zich gretig in de kunstschaatshype liet meevoeren, niet teleur. Ze won onder het oog van de koninklijke familie goud in Innsbruck en schreef daarmee geschiedenis: nooit eerder hing het roodwitblauw aan de hoogste mast bij de Winterspelen.

    Apollohal

    Dijkstra werd geboren in 1942 in het Friese Akkrum, maar verhuisde nog voor haar eerste verjaardag naar Amstelveen waar haar vader als huisarts ging werken. Dat zij als kind besloot de schaatsen onder te binden, was geen wonder: vader Lou had als langebaanschaatser meegedaan aan de Olympische Spelen van 1936.

    Dat Sjoukje koos voor kunstrijden lag minder voor de hand, want die sport bestond nauwelijks in Nederland. Ze deed haar oefeningen in de Apollohal, waar trainster Annie Verlee zich over haar ontfermde en ook meenam naar Den Haag toen de Amsterdamse locatie zijn deuren sloot. Pa Dijkstra reed bijna dagelijks heen en weer met zijn dochter.

    In de Hofstad leerde ze de iets oudere Joan Haanappel kennen. De meisjes waren nog maar negen en tien jaar toen ze met Verlee met een transportvliegtuig - gratis, maar wel tussen de kroppen sla - naar Engeland vlogen om daar te trainen onder kampioenenmaker Arnold Gerschwiler, de strenge en afstandelijke Zwitser. Een 'not bad' uit zijn mond gold als een groot compliment.

    Sprongkracht

    De inspanningen bleken niet voor niets te zijn geweest. Sjoukje stond aanvankelijk in de schaduw van haar trainingsgezel en vriendin die vier nationale titels op rij pakte, maar nadat bij de NK van 1959 voor het eerst de rollen waren omgedraaid, steeg Dijkstra tot grote, onnavolgbare hoogte.

    Bijna letterlijk zelfs, want waar de ranke Haanappel haar elegantie en sierlijkheid in de strijd kon werpen, moest Dijkstra het vooral hebben van haar fenomenale sprongkracht. Bovendien kon ze terugvallen op een ijzeren mentaliteit die zowel in de training als op het wedstrijdijs goed van pas kwam.

    "Een dag niet trainen, was een verloren dag. Die kon ik nooit meer inhalen", keek ze ooit in een interview terug op haar inspanningen om het beste uit zichzelf te halen. "Trainen, trainen en nooit tevreden zijn, zo dacht ik." Verlee roemde haar wedstrijdinstelling: "Bij Sjoukje speelden de zenuwen een goede rol. Ze was mentaal sterk, geen flauwekul, strijdlustig."

    Kroon op het werk

    Haar talent en trainingsarbeid brachten haar naast zes nationale (1959-1964), vijf Europese (1960-1964) en drie wereldtitels (1962-1964) op rij ook olympisch succes. Bij haar eerste Winterspelen in 1956 in Cortina d'Ampezzo eindigde de toen 14-jarige Dijkstra als twaalfde, maar vier jaar later stond ze in Squaw Valley al met zilver op het podium.

    De kroon op het werk volgde in 1964, toen ze naar olympisch goud zwaaide en zwierde. Een voor Nederland historische plak, want de allereerste hoofdprijs bij de Winterspelen ooit. Het zou bovendien tot de zegetocht van snowboardster Nicolien Sauerbreij in 2010 duren voordat het Wilhelmus weer eens gespeeld werd voor een Nederlandse wintersporter die géén langebaanschaatser was.

    Haar met een maximale 'zes' gewaardeerde optreden in de olympische arena leverde Dijkstra niet alleen eeuwige roem in Nederland op - 'Sjoukje' werd een begrip - maar ze werd ook benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. De versierselen ontving ze een dag voor de begrafenis van haar verongelukte vader. "Dat hij dat niet heeft meegemaakt, vond ik wel heel erg jammer. Want hij heeft altijd gehoopt dat ik dat zou krijgen."

    Holiday on Ice

    Zijn dood deed haar ook over haar toekomst nadenken. "Ik had nog graag wedstrijden gedaan. Maar ja, medailles kun je niet opeten. En toen heeft meneer Gerschwiler mij geholpen om een goed contract bij een ijsshow te krijgen." Dat werd Holiday on Ice, waaraan de kampioene tot 1972 verbonden is geweest.

    Dijkstra, die bij die ijsrevue haar man Karl Kossmayer, een dresseur met een circusachtergrond, leerde kennen, is zes keer gekozen tot Sportvrouw van het Jaar (1959-1964). In 2005 ontving ze de Fanny Blankers-Koen Trofee, een onderscheiding waarvoor alleen de grootste sporters van ons land in aanmerking komen.